logo volh

Het voormalige Internaat Huize St. Joseph was na de invoering van de kinderwetten in 1905 oorspronkelijk opgericht als Voogdijgesticht en in mindere mate een Regeringsgesticht. Met de bouw van het "Grote Huis" is men direct na de oprichting van de St. Josephvereniging op 18 mei 1911 begonnen. De leden van de congregatie woonden samen met enkele reeds opgenomen jongens in het oude herenhuis "Huize Eyll" waar ook de boerderij "de Croon" toe behoorde. Voor de kleinere jongens werd in Mei van hetzelfde jaar het basis onderwijs ingevoerd terwijl de grotere jongens meewerkten aan de bouw van het "Grote Huis".


Mergel, mergel en nog eens mergel... en de bouw van het Grote Huis vorderde. De jongens bij de afgraving op de "Kiezelkuil".

Aan het einde van 1912 was de bouw zover gevorderd dat men de linkerzijde van het "Grote Huis" in gebruik kon nemen en het min of meer bouwvallige herenhuis "Eyll" en de boerderij "Croon" samen met de jongens kon verlaten. Met de ingebruikname van de kapel in november 1913 vierde met het einde van de werkzaamheden en kon men beginnen met het jeugdwerk.


Enkele foto's van het "Grote Huis" van ca. 1913 - 1940 - 1956 - 1978.

Het waren onrustige en harde tijden en het zou er gedurende de Eerste Wereldoorlog niet beter op worden. De grote jongens moesten mee aanpakken. Naast het harde bestaan leerde de grotere jongens ook een vak. Zij werkte en leerde in land en tuinbouw, kregen ervaring als bakker, bloemenkweker of als kok.


Het was hard werken, maar zo leerde men op het land, op de boerderij en in de tuinderij een vak.

Naast de basisschool bestond het onderwijs hoofdzakelijk uit praktische vakken zoals de mandenmakerij, drukkerij, houtbewerken, kleermakerij, klompenmakerij, mandenmakerij, metaalbewerken, schoenmakerij, landbouw, bakker, veeteelt en tuinder. Het onderwijs wat sinds 1918 onder de naam "Vakonderwijs" werd gegeven kreeg in 1929 een voorlopige goedkeuring onder de naam "Nijverheidsonderwijs". Op 15 januari 1930 was de officiële opening van de "Ambachtschool St. Joseph" volgens de goedgekeurde lesrooster. Na een bouwtijd van 2 jaar nam men op 21 april 1932 het theoriegebouw van de ambachtschool St. Joseph in gebruik.


Praktisch onderwijs wat tevens diende als onderhoud voor leden van de congregatie en de bewoners van het internaat.

Gedurende de periode 1911-1980 bestaan veel groepsfoto's uit groepen van soms zeer jonge kinderen. Ofschoon het "Voogdijgesticht" ook een "Regeringsgesticht" was, maken deze beelden duidelijk dat de opname van minderjarige die met justitie in aanraking waren gekomen zeer beperkt was. Het internaat besloot in 1977 tot een opnamestop van kinderen voor het basisonderwijs.


Niet alleen voor de congregatie maar ook voor de kinderen waren het barre tijden. Ondanks alles heeft men de kinderen een palette aan mogelijkheden geboden om zich te ontplooien.

Sport en spel maakte vanaf de intrek in het "Grote Huis" deel uit van het internaatleven. Niet alleen de jongens beoefende met grote overgaven allerlei sporten maar ook de paters en broeders bestreden zich onderling of tegen de jongens talrijke wedstrijden. Voetbal, volleybal, tafeltennis, atletiek. Zelfs tennis behoorde in de 50er jaren onder de paters en broeders tot een geliefd tijdverdrijf. In het fotoalbum staan honderden foto's van sportevenementen die op het terrein van het internaat of op velden in de omliggende gemeenten werden gehouden.


Er wordt weinig geschreven over het enorme aanbod aan verschillende takken van sport waar de jongens zich onderling, tegen paters en broeders of in competitieverband tegen anderen jeugdigen uit de regio konden meten.

Op 16 mei 1929 beschikte het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen toestemmend over het Vakonderwijs en gaf subsidie voor het onderwijs systeem. Op 15 januari 1930 vierde men de officiële opening van de "Ambachtschool St. Joseph" volgens de goedgekeurde lesrooster. In dat zelfde jaar is men begonnen aan de bouw van het theorie gebouw van de Ambachtschool welk op 21 april 1931 in gebruik is genomen.


Naast de praktijklocalen beschikte men nu ook over een modern gebouw waar de leerlingen in alle vakken werden onderwezen.

Bij de aanvang van het schooljaar 1968-1969 is de nieuwe L.T.S. in gebruik genomen. De praktijk lokalen van oude ambachtschool stonden los van het theoriegebouw en waren erg verouderd en te klein. De nieuwe L.T.S. was een modern gebouw waar het daglicht overal naar binnen viel. Tevens had men plaats om in nieuwe vakrichtingen onderwijs aan te bieden.


Enige vakken die gegeven werden in de nieuwe L.T.S.

In het begin van de 60er jaren zijn vrouwelijke werkkrachten aangenomen. Zij deden hun werk binnen de groepen naast de geestelijken. Voor de jongens begon een nieuwe fase waar huiselijkheid intreden deed. In 1968 zijn tien nieuwe paviljoens in gebruik genomen waarbij naast een geestelijke hoofdgroepsleider ook een leken leider en leken leidster in iedere groep werd geplaatst. Naast het verlaten van veel broeders en paters bij de congregatie S.C.J. zou deze ontwikkeling het einde betekenen voor de zorg voor de jeugd door de congregatie. Op 25 augustus 1982 werd de "St. Joseph vereniging" opgeheven en ging het complex over naar het ministerie van Justitie.


Moderne groepen 1960 - 1975



Het voormalige Internaat Huize St. Joseph was tot 1982 het laatste open jongens internaat met:

  • leefgroepen onder een cultureel, godsdienstig en maatschappelijk klimaat,
  • lager onderwijs aangesloten op het reguliere onderwijssysteem,
  • lager Technisch onderwijs waarbij naast interne leerlingen ook leerlingen uit de omliggende gemeentes en Juvenisten van Huize St. Gerlach werden onderwezen. De opleidingen hadden allen aansluiting op het middelbaar technisch onderwijs,
  • uiteenlopende sportinrichtingen waarbij sportwedstrijden gespeeld werden, in regionaal competitieverband,
  • men de jeugd alle vrijheid gaf om aan regionale en nationale festiviteiten mee te doen,
  • praktische beroepen met reguliere afsluiting in de agrarische sector en tuinbouw.
  • praktische beroepen zonder aansluiting op voortgezet onderwijs.



Mocht geen mogelijkheid aanwezig zijn, jongens in het onderwijsprogramma op te nemen werden zij in een van de onderhoudswerkzaamheden binnen het internaat opgenomen. Voor vakgebieden die buiten de onderhoudswerkzaamheden vielen was een leslokaal aanwezig waar enkele jongens uitsluitend praktisch werden geschoold. Voor voortgezet onderwijs (b.v. Mulo) konden bewoners gebruik maken van scholen in de omliggende gemeenten.

Het voormalige Internaat Huize St. Joseph stond bekend als een open en vrij huis met een enorme palette aan mogelijkheden voor de jongens. Op de onthullingen waarbij de verbijsterende misstanden binnen het internaat landelijk bekend werden hebben veel oud bewoners geschokt gereageerd. De V.O.L.H. tracht evenwel aan de hand van feiten de geschiedenis te beschrijven. Het is een bewezen feit dat excessief geweld is gebruikt welke intrinsiek deel uit maakte van de leefgemeenschap binnen het internaat. Evenzo verbijsterend is het grote aantal mannen die de meest verschrikkelijke misdrijven pleegde aan soms zeer kleine weerloze kinderen. Toch meent de V.O.L.H. dat de opvang van kinderen die in de vorige eeuw naast de marge van de maatschappij terecht waren gekomen verteld moet worden. Oprechte en respectvolle werkers, zij die zich ten volle hebben ingezet en dienstbaar hebben gemaakt aan de maatschappij verdienen het niet op de achtergrond te worden gezet.